test statisch
Waarden, normen, moraal en ethiek ,recht en ethiek:aanvulling bij Hoofdstuk 3
Bij waarden gaat het om principes: om de uiteindelijke fundamenten van waaruit je wilt leven. Het gaat bij waarden dus niet om het concrete gedrag maar om het waarom van het gedrag: om datgene wat mensen motiveert tot hun gedrag. Een voorbeeld: iemand doet veel aan sport omdat hij gezondheid een belangrijke waarde vindt.
Daar het bij waarden om fundamentele principes gaat mag je er als stelregel vanuit gaan dat je een waarde steeds uitdrukt in een woord, bijvoorbeeld liefde, welvaart, vrijheid.
Waarden worden soms bewust uitgesproken, bijvoorbeeld wanneer je tijdens een gesprek uitgedaagd wordt aan te geven waarom je bepaalde dingen wel of niet doet. Maar vaak ook zijn waarden onbewust - en onuitgesproken - aanwezig in wat mensen doen of laten. Een voorbeeld: zonder dat je er verder over nadenkt, laat je tijdens een discussie iemand anders rustig uitspreken. De waarde die daar achter steekt - zonder dat je je dat steeds bewust bent - is respect.
Waarden zijn veelal collectief: ze worden gedragen door een groot aantal mensen. Zo blijkt uit verschillende onderzoeken dat belangrijke waarden in onze samenleving zijn: gezondheid, welvaart, naastenliefde, vrijheid, etc. Dat waarden collectief zijn wil overigens niet zeggen dat ze niet heel persoonlijk beleefd worden. Wanneer bepaalde waarden aangetast worden kunnen mensen daardoor persoonlijk heel erg geraakt worden. Waarden hebben niet alleen een verstandelijke maar ook een emotionele dimensie.
Waarden zijn voorstellingen over wat uiteindelijk goed en nastrevenswaardig is. Goed heeft dan de betekenis van menswaardigheid. Waarden zijn dan principes over wat een menswaardig leven is. Deze principes streven mensen ook na door zich op een bepaalde manier te gedragen. Met andere woorden: mensen vertalen waarden in bepaalde gedragsregels (normen). We komen daar straks op terug.
Intrinsieke en Instrumentele waarden
In de ethiek wordt een onderscheid gemaakt tussen intrinsieke en instrumentele waarden. Instrumentele waarden zijn waarden die geen doel in zich zelf zijn, maar in dienst staan van een andere, hogere waarde. Stel je voor dat je veel uitgaat met vrienden. De waarden die je dan nastreeft zijn genot en vriendschap. Maar het is mogelijk dat deze waarden voor jou geen doel op zich zijn maar een tussenstap om een hogere waarde te realiseren, namelijk geluk. Deze waarde is dan de intrinsieke waarde: een waarde in zich zelf, dus zonder verder extern doel.
Een ander voorbeeld: veel christenen zien naastenliefde als een intrinsieke waarde en daar horen dan rechtvaardigheid en solidariteit bij als instrumentele waarden. Overigens is het ook mogelijk dat mensen een bepaalde waarde als een instrumentele waarde en als een intrinsieke waarde zien. Zo kan een violist bij het Concertgebouworkest zijn werk zien als een intrinsieke waarde: bij geniet zo veel van zijn werk als violist dat het werk een doel in zich zelf is. Tegelijkertijd verdient hij echter ook geld met zijn werk en dat geld staat ten dienste van welvaart en comfort in zijn leven. Werk is dan een instrumentele waarde in dienst van de intrinsieke waarden welvaart en comfort.
Waardenconflict: ethisch dilemma
Soms komt het voor dat iemand twee of meer waarden nastreeft die op dat moment met elkaar botsen. Een voorbeeld: een hele goede vriend van je maakt discriminerende opmerking over buitenlanders. Jijzelf hebt een enorme hekel aan discriminatie. Voor jou is gelijkheid een heel belangrijke waarde. Maar ook vriendschap vind je enorm belangrijk. Je hebt nu een probleem. Als je iets over die discriminerende opmerkingen zegt tegen je vriend lijdt de vriendschap daar misschien wel onder. Wat moet je doen? Welke waarde moet voorrang hebben: gelijkheid of vriendschap?
Dit is een goed voorbeeld van een waardenconflict. Zon conflict wordt ook vaak een ethisch dilemma genoemd. Het kenmerkende van een ethische dilemma is dat je twee of meer waarden nastreeft die niet tegelijkertijd gerealiseerd kunnen worden, zodat je moet kiezen. En kiezen doet soms pijn. In ons voorbeeld: discriminatie doet pijn, maar ook een goede vriend verliezen doet pijn.
Een ethisch dilemma kan overigens ook een andere gedaante aannemen dan een waardenconflict. Het is namelijk ook mogelijk dat niet gekozen dient te worden uit waarden, maar uit onwaarden: zaken die mensen juist niet willen nastreven. In de ethiek wordt er in dit verband vaak gesproken over het kwaad: wij behoren het goede na te streven en het kwade te vermijden. In de medische ethiek kennen we de euthanasiekwestie als een voorbeeld van het moeten kiezen tussen twee onwaarden (of kwaden): doodgaan en een zinloos leven.
Normen
Normen zijn bepaalde (bindende) verwachtingen over het gedrag van mensen. Vaak zijn het gedragsregels. Gaat het bij waarden om ideeen, dan gaat het bij normen om concreet gedrag, om handelingen die verwacht worden. Wel is het zo dat het gedrag dat verwacht wordt (of voorgeschreven is) direct samenhangt met de waarden die aangehangen worden. Als mensen bijvoorbeeld gezondheid een belangrijke waarde vinden, dan zullen ze gezond eten en niet roken. Een norm werkt ook als maatstaf cm ons gedrag te beoordelen: vindt een hockeyvereniging gezondheid belangrijk dan kan zij afspreken dat er voor en na de trainingen in de kleedkamers niet gerookt wordt. Is er nu toch een lid dat op zon moment een sigaret opsteekt dan kan dit door de teamgenoten afgekeurd worden met een beroep op de eerder vastgestelde norm (niet roken in de kleedkamers).
We kunnen een drietal morele normen onderscheiden. Op de eerste plaats zijn er relationele normen. Dit zijn normen die betrekking hebben op de directe omgang met mensen, thuis, op school, in de winkel, etc. Zo zou bijvoorbeeld een norm thuis kunnen zijn dat je aan je ouders laat weten waar je op zaterdagavond uitgaat. Is er iets bijzonders dan weten je ouders waar ze jou kunnen bereiken.
Naast relationele normen zijn er ook professionele normen: normen die betrekking hebben om de manier waarop een bepaald beroep uitgeoefend hoort te worden. Vaak zijn deze normen impliciet in het werk aanwezig maar het komt ook voor dat ze schriftelijk vastgelegd worden, bijvoorbeeld in een beroepscode.
Ten slotte zijn er ook publieke normen. Deze hebben betrekking op het gedrag wat van ons verwacht wordt ten opzichte van de samenleving. Zo wordt er van burgers in Nederland verwacht dat ze belasting betalen en dus niet zwart werken. Van jongeren wordt verwacht dat ze zo snel mogelijk proberen hun studie af te maken als ze een studiebeurs krijgen van de overheid (de gemeenschap).
Moraal
Waarden en normen vormen samen de moraal. Elk mens heeft een moraal. Maar ook binnen een sociale groepering - bijvoorbeeld een school of bedrijf - en binnen de samenleving in zijn geheel bestaan opvattingen over goed en kwaad: waarden en normen. Qok daar spreken we dus van een moraal.
We komen dan tot de volgende definitie van moraal: moraal is het geheel van feitelijk aanwezige waarden en normen bij een individu, bij een bepaalde sociale groepering, dan wel in de samenleving in zijn geheel. Ethiek als wetenschap is het kritisch nadenken over de moraal, vanuit een oogpunt dat het goede gedaan behoort te worden. Er zijn verschillende toegepaste ethieken, zoals medische ethiek, bedrijfsethiek, ethiek van de journalistiek, etc.
Recht - moraal
Het recht van het individu de wetgever of de rechter kan moreel, amoreel, of immoreel zijn:
Recht en moraal kunnen hand in hand gaan. Vgl de verwijzing in het recht naar de goede zeden.
Amoreel recht: bv rechts rijden
Recht dat achter loopt bij het moreel gevoel van de burger.
Recht moet de orde in de samenleving beschermen.
Het wetboek van strafrecht neemt echt niet alle op dat moreel slecht gevonden wordt. Als iets niet strafbaar is gesteld, wil dat nog niet zeggen dat het moreel goed genoemd kan worden. Er zijn dingen die zich ontrekken aan het strafrecht omdat het recht niet kan oordelen over het innerlijk van de mens.
De moraal is idealiserend en individualiseert, de wet kan niet idealiseren omdat hij berust op dwang en rekening moet houden met de onvolmaaktheid vande mens.
Afgedwongen gedrag heeft niets met moraal te maken!
Het recht kan ook dienen tot persoonlijke immoraliteit: Subjectief recht verleent macht: Je kunt deze macht dit recht misbruiken, moreel gezien.
Individuele ethiek en sociale ethiek
Sociaal ethische problemen kan men niet oplossen alsof het problemen van de individuele ethiek zijn.
Bij sociale ethiek zijn structuren of instellingen in het geding Hoe moeten die zijn ingericht?
Beroepsethiek kan men zien als een tussenvorm van individuele en sociale ethiek.
Een maatschappelijke orde berust op voorafgaande keuzes. Als men dit vergeet gaat men feiten als waarden behandelen. Sociale ethiek is altijd maatschappij kritisch. Vandaar zie je dat machthebbers die uit eigenbaleng een bepaalde orde willen verdedigen ethiek terugverwijzen naar het terrein van de individuele ethiek:
De scheiding tussen de privesfeer en de publieke sfeer: privatisering van de moraal.
Vgl het onderscheid tussen rol-ethiek en persoonsethiek
Het individu moet in de maatschappij een groot aantal rollen vervullen en er wordt van hem verwacht dat hij zich identificeert met de waarden en normen van die rollen. Wat hij prive doet met hij zelf weten.
Het individu verliest zijn aanspraak op maatschappelijke kritiek: dat is uw prive-mening: Die kan dus geen geldigheid bevatten voor iedereen.
Relaties in de publieke sector zijn anderes dan in de prive sector: Zij berusten op dwang
Bij individuele ethiek gaat het om persoonlijke waarheid, bij de publieke sector over geldigheid.