De Israëlische filosoof Margalit onderscheidt in zijn boek The Decent Society twee soorten maatschappij: een rechtvaardige en een fatsoenlijke. In de eerste zijn kennis, macht en inkomen enigszins redelijk verdeeld. De tweede kenmerkt zich door instituties die mensen niet vernederen. Herinterpretatie van het begrip fatsoen
Sociaal-democratische politiek behoort door de ogen van de ander naar de samenleving te kijken
Volkskrant 24-7-1998
De PvdA heeft enkele jaren geleden bij monde van politiek leider Wim Kok haar ideologische veren afgeschud. Rudi van de Hoofdakker en Lolle Nauta argumenteren dat het sociaal-democratische erfgoed bij het 'extremistische' GroenLinks beter is gewaarborgd.
Kok heeft enkele jaren geleden in zijn Den Uyl-lezing de ideologische veren afgeschud, zoals dat heette. Dat getuigde van politieke moed. Het was intellectueel gesproken minder origineel dan het leek, Paul Kalma had het in zijn boek Het socialisme op sterk water al eerder en beter gedaan, maar niettemin.
Een bepaalde categorie werd door Kok echter teleurgesteld. Dat waren die aanhangers van de sociaal-democratie die evenmin nog in de illusies van 'oud links' geloofden, maar geen zin hadden om op de VVD, het CDA of het zelfs wel sympathieke D66 te gaan stemmen. Hun teleurstelling werd gewekt, doordat in het betoog onvoldoende duidelijk werd, waar de sociaal-democratie na het verlies van de oude illusies dan wel uit bestaat.
Kan die vogel na het verlies van zo veel veren nog wel vliegen of is hij daarvoor te kaal geplukt? Ons antwoord is: de sociaal-democratische vogel kan nog vliegen, maar hij hoort niet meer thuis in het nest van de PvdA. Waarom niet?
Hoe komt het eigenlijk dat partijen links van het midden met betrekking tot een aantal kwesties vaak toch een standpunt innemen dat een graadje 'meelevender' is dan vaak ter rechter zijde te horen valt? Er lijken inderdaad nog verschillen te bestaan in onze politieke cultuur van het midden. Of het nu over euthanasie gaat of het minimum-loon, over het belang van een publieke omroep of over het drugsbeleid, de politici links van het midden zijn hierin toch vaak wat vooruitstrevender of misschien moeten we gewoon zeggen opener dan die aan de rechterkant.
Hoe komt dat? Die kleine verschillen hebben niets meer te maken met traditioneel linkse dogma's als de socialisatie der produktie-middelen of de tegenstelling tussen arbeid en kapitaal. Waar dan wel mee?
Links van het midden bestaat er nog altijd, hoe zullen we het noemen, een soort solidariteits-cultuur, een sfeer waarin het niet helemaal ongewoon is om door de ogen van een andere groep dan de eigen naar de samenleving te kijken. Wij bedoelen daar geen altruïsme mee. Altruïsme is een versleten vorm van christelijke moraal, waarin gedaan wordt alsof eigenbelang geen rechtmatige plaats zou hebben. De ander met wie je je zo nodig moet identificeren, is hier meestal een kloon van het eigen ik. Altruïsme is behalve neerbuigend en tactloos ook fantasieloos. Sociaal-democratische solidariteit nieuwe stijl moet daarmee vooral niet worden verward.
We hebben lang nagedacht over een nieuw woord voor deze solidariteit. Tot nu toe hebben we het in verband gebracht met 'openheid' en 'meelevendheid'. Misschien is 'fatsoen' wel een goed woord. Daarmee bedoelen we geen kleinburgerlijke moraal, maar een vermogen dat verworven moet worden. Een competentie om behalve door je eigen ogen ook door die van een ander naar de samenleving te kunnen kijken. Door de ogen van mensen met andere belangen dan die van jezelf en met minder mogelijkheden, bijvoorbeeld om deze te realiseren.
Het is onze mening dat de leiding van de PvdA behalve de oude socialistische dogma's ook dit vermogen op te sterk water heeft gezet. Let wel de leiding, gesymboliseerd door de huidige lijsttrekker. Onder degenen die op deze partij stemmen zijn er natuurlijk nog steeds velen die verder kunnen kijken dan de neus van hun eigen interesse lang is. Het is niet toevallig dat op de congressen de afgevaardigden van de PvdA altijd radicaler zijn dan de leiding. Dat komt niet omdat zij heethoofden zouden zijn. Bij hen is deze in onze ogen betrekkelijk normale, menselijke capaciteit nog niet helemaal verdord. Het debat over de - overigens zeer bescheiden! - beperking van de aftrek hypotheekrente plus het beschamende machtswoord van de premier daarna was onlangs een sprekend voorbeeld van de discrepantie tussen leiding en leden.
Wij hebben drie argumenten voor de stelling dat dit 'fatsoen', uitzonderingen als Pronk daargelaten, bij de leiding van de PvdA onvoldoende in tel is. De op zon- en feestdagen af en toe uit de mottenballen gehaalde socialistische retoriek verandert daar natuurlijk niets aan. Politici behoren op hun daden te worden beoordeeld.
Onze eerste argument is groen. Het luidt dat de ecologie bij de Partij van de Arbeid een stiefkind is. De zwalkende manoeuvres ten aanzien van Schiphol en Beek zijn er een voorbeeld van. Het wordt in toenemende mate aan grote wegenbouwers, bedrijven als KLM en Schiphol en machtsblokken als Rijkswaterstaat en de Rijksluchtvaartdienst overgelaten, hoe ons milieu en hoe onze steden en landschappen verwoest zullen worden.
De wijze waarop minister De Boer, zelf in tactisch opzicht niet altijd de sterkste, door de leiding van de PvdA een aantal malen in de steek is gelaten, vinden wij beschamend.
En dat terwijl groen natuurlijk bovenaan de prioriteitenlijst van de sociaal-democratie zou moeten staan. Solidariteit nieuwe stijl oftewel 'fatsoen' vereist dat. Solidariteit met de generaties die nog maar net of nog niet zijn geboren en om die simpele reden hun stem niet kunnen laten horen.
Behalve principieel onjuist vinden wij dit trouwens ook kortzichtig. Wanneer Nederland op dit punt voorop zou lopen, zou het als dienstverlenende economie met de ontwikkeling van 'groene' technologie grote successen kunnen boeken. Naar onze mening zou deze vorm van solidariteit nieuwe stijl dus ook nog lonen. Van Aartsen met zijn strijd tegen de varkenslobby moet in dit verband overigens positief vermeld worden. Deze liberaal vormt een weerlegging van de stelling dat links met betrekking tot een aantal actuele kwesties een graadje fatsoenlijker is dan rechts.
Ons tweede argument is rood. Het betreft de mensen in de marge. De Israëlische filosoof Margalit onderscheidt in zijn boek The Decent Society twee soorten maatschappij: een rechtvaardige en een fatsoenlijke. In de eerste zijn kennis, macht en inkomen enigszins redelijk verdeeld. De tweede kenmerkt zich door instituties die mensen niet vernederen. Hij geeft de kibboets als voorbeeld van een samenleving waarvoor wel het eerste gold maar het tweede niet. Er heerste hier een ver doorgevoerde vorm van gelijkheid, maar men vond het geen probleem om werkers die bij de kibboets in dienst waren, als tweederangs burgers te behandelen. Er werd met twee maten gemeten, zoals trouwens nog steeds in de staat Israël in het algemeen.
Naar onze mening valt over het allochtonen-beleid, waar ook de PvdA verantwoordelijk voor is, niet veel beters te zeggen. Vier jaar paars beleid en men is er nog steeds niet in geslaagd om de mensonterende toestanden in inrichtingen voor asielzoekers uit te bannen en jarenlange wachttijden te vermijden. Men had hieraan - desnoods met behulp van een kernploegje uit het kabinet - de hoogste prioriteit behoren te geven. Men heeft het zelfs bestaan, om uitgeprocedeerde asielzoekers uit landen als Iran weer op het vliegtuig te zetten. Op grond van het uit onbenullige ambassaderapporten - zogenaamde 'ambtsberichten' - opgediepte smoesje, dat de betreffenden daar geen gevaar zouden lopen.
Het beleid op het gebied van de gezondheidszorg is ook een schrijnend voorbeeld. De feiten zijn te bekend om ze hier nog eens op te rakelen. Mensen die ziek en hulpbehoevend zijn, hebben weinig gehad aan dit 'centrum-linkse' kabinet.
Wij ontkennen niet dat er ook goede dingen gebeurd zijn. De maatregelen ten behoeve van langdurig werkelozen en de voorzieningen voor bejaarden behoren hiertoe. In de genoemde circuits echter stoten we opnieuw op het vermelde gebrek aan civiele competentie. Sociaal-democratische politiek hoort de belangen van machteloze groepen te respecteren. Desnoods dwars tegen de opvattingen van bepaalde groepen kiezers in.
Maar kom daar eens om bij mensen als Wallage en Adelmund. Van elastiek zijn ze, om een metafoor te lenen van Frits Abrahams naar aanleiding van de reactie van de voorzitter van de PvdA op de literaire boodschap van Van Dis, die zij zowel omarmde als verwierp.
Ons derde en laatste argument is blauw, zij het niet in de partijpolitieke zin van het woord. Het betreft de rol van normen en waarden in onze samenleving. Wim Kok behoort tot degenen in ons land die vinden dat het onze samenleving aan gedeelde normen en waarden ontbreekt. De woorden 'samen' en 'met zijn allen' liggen hem in de mond bestorven. Hirsch Ballin behoorde destijds ook tot die koorzangers. Het hele CDA trouwens en zelfs Bolkestein verloochent op dit punt zijn liberale erfgoed, dat gelukkig ook nog sociaal-democratisch kan worden beheerd.
Dat erfgoed bestaat hierin, dat het tot het prerogatief van individuen en groepen behoort om verschillende normen en waarden te mogen kiezen. Dat is nu juist de essentie van een democratische samenleving. Sjaak Koenis heeft daarover in zijn nieuwe boek met de ietwat misleidende titel Het verlangen naar gemeenschap behartenswaardige dingen gezegd. De nadruk op de noodzaak van gedeelde normen en waarden is een vorm van paternalisme, een poging om in een post-traditionele samenleving vroegere gemeenschapsvormen (het traditionele gezin!) in ere te herstellen en het maatschappelijk debat te ontpolitiseren.
Juist omdat deelname aan onze samenleving de facto het nemen van individuele verantwoordelijkheid vraagt, is de door ons genoemde competentie zo belangrijk geworden. De ander woont naast je. Hij of zij zit in dezelfde trein. Zonder het vermogen door haar of zijn ogen te kijken, al is het maar een beetje, is normaal verkeer niet meer mogelijk. Gedeelde normen en waarden - die dus meer betreffen dan sociale omgangsvormen alleen - hebben hun richtinggevend vermogen gelukkig verloren.
Er is geen alomvattende ideologie voor nodig om in te zien, dat dat het geval is.
Gezien het feit dat de politiek van de PvdA in groen opzicht faalt, in rood opzicht niet een voldoende kan krijgen en in blauw opzicht onvoldoende liberaal is in de oorspronkelijke zin, geven wij onze stem liever aan GroenLinks. Het beheer van het sociaal-democratisch erfgoed is naar onze mening bij deze 'extremisten' beter gewaarborgd.
Lolle Nauta is filosoof en Rudi van den Hoofdakker is psychiater en dichter.
FD:
Deze tekst heeft het nieuwe gebruik van het woord ‘fatsoen’ gestimuleerd.
De definitie van fatsoen wordt door anderen vaak als impliciet citaat gebruikt
Ook het boek van de Israëlische filosoof Margalit heeft bijgedragen.